5. Ja, ik mag
Erik van der Pol
®

Er komt een tijd dat je als 4-jarige naar school mag.  Naar school, wat een feest, in ieder geval voor de meesten (niet wetende dat je in klas 6, nu groep 8 weinig interne motivatie meer over zou kunnen houden voor het instituut school.)
In onze maatschappij hebben we nu eenmaal een leerplicht ingesteld met de idee om kinderen wat te leren en voor te bereiden op onze 'kennis'maatschappij.

Onze steeds complexer wordende maatschappij hebben we zo ingericht dat een kind een langdurig traject van scholing nodig heeft om alles uiteindelijk te bevatten. Dit neemt in complexiteit alleen maar toe. Maar als 4-jarige hoef ik mij daar nog niet druk om te maken. Ik mag naar school om te leren…heerlijk, wat heb ik een zin. Maar achteraf gezien... met wat een ballast werd ik soms als kind opgezadeld.
Gelukkig had ik dat allemaal niet door en had ik ook niet door dat er aan mij als kleuter van alle kanten getrokken werd, van politiek tot maatschappij, met verbeterprogramma's, voorlichting en alles wat de scholen zo'n beetje moesten om onze maatschappij 'beter' te maken.
Gelukkig maar, ik mocht gewoon kind zijn, spelenderwijs leren, gericht op samenspelen, zelfredzaamheid en dagritme... ontwikkelen maar.

Toen ik als kleuter naar de kleuterschool mocht, in de zestiger jaren, zag ik er soms uit als een klein meneertje, met stropdas. Nette kleding hoorde daarbij; ook voor de foto uiteraard. Toen moest je laten zien dat je groot was, klaar voor de aankomende grote school (lagere school). De juiste kleding kon een bijdrage zijn aan de beeldvorming van groot worden …een stropdas of strik dus. De kleuterschool bereidde je ook voor op de grote school, want daar begon eindelijk het echte leren lezen, rekenen enz.

Erik, 1965 kleuterschool

Van de kleuterschool kan ik mij vooral het buitenspelen nog herinneren. Op het schoolplein, in de zandbak stond een klimrek waar ik en mijn klasgenootjes steeds hoger in klommen. Daarna sprongen we er met een sierlijke sprong weer vanaf, zo in het zand. We bedachten capes, vleugels en open jassen om zo lang mogelijk in de lucht te zweven. Dat waren nog eens vliegtijden….En we waren gewoon ons zelf, want Zorro, het A-team of de Bouwers bestonden toen nog niet. Jip van Janneke kwam misschien een beetje in de buurt.

Dat is tegenwoordig als 4 jarige wel anders. Ik heb al veel moorden gezien op de t.v. Veel geweld, actie en andere werelden en aan jonge helden of heldinnen is er zeker geen gebrek, ook verkrijgbaar op dvd of blue-ray en in diverse newsgroepen voor kids... De huidige pappa's en mamma's hebben er wat dat betreft een aandachtspuntje bij als ze verantwoord t.v. zitten te kijken. De digitale opvoeding en de invloed van visuele media is tegenwoordig een niet te onderschatten fenomeen.

In mijn kleutertijd hoefden mijn ouders zich daar in ieder geval niet druk om te maken. Ik groeide op met een stand-alone-koffer-pickupje en draaide het liedje 'Erik in het badje' grijs.

Als 4 jarige werd ik plotseling geconfronteerd met een leverziekte. Ik moest voor een lange tijd het ziekenhuis in. Door m'n leverziekte heb ik extra gekleuterd. Iets waar ik me weinig van kan herinneren.
Om die ziekenhuisperiode prettig door te komen kreeg ik van mijn ouders en bezoekers autootjes, zgn. Dinky Toys. Ik keek ernaar uit als er visite kwam, want er waren strikte bezoekerstijden en visite betekende vaak iets leuks. Die Dinky Toys heb ik nu nog en regelmatig zet ik ze in onze woonkamer in de vitrinekast; dit ter afwisseling van de vrolijke engeltjes collectie van mijn vrouw.

Terug naar mijn kleuterschool in 1964-1965: het gebouw stond apart van de lagere school. Zelfs in een andere wijk. Ik, kleuter Erik, voelde mij in ieder geval veilig op school, exploreerde, fröbelde, speelde samen, tekende en construeerde graag. Alles boeide mij. Zo speelde ik met houten constructiemateriaal met bouten en moeren. Hijskranen, raceauto's en andere (bouw)werken werden gemaakt. Daar ligt m.i. wel een stukje basis voor huidige constuctivistische interesses. Eén voordeel had ik, mijn vader was technisch begaafd. Ik heb veel kunnen leren van hem in de korte tijden dat hij thuis was en niet 'moest' werken.

Zo kleuterde ik er lustig op los. Thuis bouwde en tekende ik veel of speelde met mijn broertje Joost of hond Mora, want er was intussen ook gezinsuitbreiding gekomen. Mijn broertje Joost genoemd naar opa Joost, was geboren.

Daarnaast werd ik kleuter Backie: een klein commercieel product van mijn opa Hooimeijer die in de beschuit zat. Backie was de zegel die je kon sparen. Dat begon eigenlijk al toen ik nog maar twee was.

Over enkele gebeurtenissen als Backie in mijn kleuterperiode zal ik in de volgende column schrijven.